Het dorp
Laat de auto op de parkeerplaatsen aan de rand van het dorp en loop naar binnen. De steile straatjes met kinderkopjes, de tertres, lopen af naar de Place du Marché, waar de klokkentoren van de monolithische kerk boven de caféterrassen uitsteekt. De kerk zelf is in de 12e eeuw uit de kalksteen gehakt en is alleen te bezoeken met de rondleiding van het toeristenbureau, die ook langs de kluis van de monnik Émilion en de catacomben gaat. Beklim de klokkentoren of de Tour du Roy voor het uitzicht over de daken en de wijngaarden.
Wijn
Saint-Émilion is één appellation met honderden domeinen, van de Premier Grand Cru Classé-châteaux tot familiebedrijven waar u zonder afspraak binnenloopt. Het toeristenbureau organiseert proeverijen en bezoeken; in de wijnwinkels rond het plein proeft u voor u koopt. Wilt u het verschil tussen het kalkplateau en de grindhellingen begrijpen, dan is een kelderbezoek van twee uur elke euro waard. Voor de Bob is er goed gezorgd.
Rond Saint-Émilion
De weg terug naar het huis gaat langs Castillon-la-Bataille, waar in 1453 de Honderdjarige Oorlog eindigde, en de mooie bastide Sainte-Foy-la-Grande met haar zaterdagmarkt. Pomerol en Libourne liggen tien minuten verder naar het westen als u het wijnthema wilt voortzetten.
Praktisch
45 minuten met de auto via Sainte-Foy-la-Grande en Castillon. Parkeer bij Parking du Prieuré of Parking de la Madeleine. Restaurants zitten in het seizoen rond lunchtijd vol, dus reserveer of eet vroeg. Macarons volgens het originele recept uit 1620 zijn het souvenir voor op het terras bij het zwembad.